Het meisje

Onderweg

Het meisje met het hoedje zat in de trein
Naar buiten kijken is wat ze deed, dat vond ze fijn
Ze zag koeien, geiten en schapen in de wei
Ze moest steeds weer lachen, de dieren maakten haar blij
Ze reisde van Blerick naar Rotterdam
En weet je, dat meisje noemt mij haar mam
Samen met haar zus en pap gaat ze ergens naar toe
Je raad het al, dieren kijken in de zoo
Daar gaan ze kijken naar mens en dier
En natuurlijk hebben ze dan heel veel plezier!